Etappe
Gras kraait in de lente als een baby. Het brabbelen van een scherp gesneden pantalon, opgedirkt met glas in lood versiering brengt jonge aanwas in vervoering. Een aangeschoten arm plukt vingers van zijn hand, ze staan als buitenaardse beeldhouwwerken tussen stengels riet.
Aflijving denken van wielrijders in de zomer behoedt landwegen voor korselig fronsen van diep in het zand getrokken sporen. Murmelende ouderlingen, kruipend voor geloofsgenoten begroeten groen als bron van hoop.
Herfst en winter eisen meer betaald dan toen men vijftig werd. Met eindpunt om de hoek, ligt elke dag, verschrompeld op verzuurde grond, te lang te slapen in voorbije jaren. De fietser naast bagagedrager, ontdekt ontkalking is een zegen voor het ouder worden men krimpt, vangt minder wind.
Leo Dooper

